EEM Groepenkasten

Column: Bonnefooi

Bier in glasNaar de zon zouden we dit jaar gaan op vakantie. En het liefst aan zee. Zuid-Frankrijk? Spanje misschien? Wel een eind rijden met de caravan en dan al die tol…. De keus viel op Kroatië waar we jaren geleden goede herinneringen hadden opgedaan op een kleine rustige camping aan de oostkant van Istrië. Dit keer besloten we naar de westkant van het schiereiland in de buurt van de dorpjes Porec en Rovinj te gaan. Van eerdere bezoeken wisten we dat dit toeristisch gezien de drukst bevolkte kant van het schiereiland is. Ook van kennissen gehoord dat er echt mega-grote campings zijn met wel 5000 mensen in het hoogseizoen!

Niets voor ons, rustzoekers en cultuurliefhebbers, dus ! Maar de kust is er zo mooi! En de prijzen nog alleszins betaalbaar! Dus thuis alvast in de campinggids de adressen van een viertal wat kleinere campings opgezocht en genoteerd. Een goede voorbereiding is het halve werk, nietwaar?

Na een voorspoedige reis op de avond voor we in Kroatië zouden aankomen alvast de camping van onze eerste keus gebeld met de vraag of er morgen een plaatsje vrij zou zijn. In gebrekkig Duits werd me te verstaan gegeven of ik wel wist dat het augustus was. Belt U over een week of drie nog eens terug…… Een angstig voorgevoel maakte zich van ons meester.

Dan maar op de bonnefooi richting de kust! Om half elf de volgende morgen reeds stonden we aan de poort van de volgende kleine camping. We werden verwelkomd door een bordje met de mededeling dat de camping volledig “ausgebucht” was. Slik!

Zo verging het ons nog drie keer bij volgende pogingen. Inmiddels was het half vier in de middag en hadden de temperaturen wederom tropische waarden bereikt. Ons humeur daarentegen stevende af op het absolute nulpunt. De temperatuur van het bier in de koelkast bleef gelukkig op een aanvaardbaar niveau, voelde ik! Voor straks als we ergens een plekje zouden hebben gevonden, sprak ik mezelf moed in.

Tegen vier uur besloten we de eerste de beste camping die plaats had maar te accepteren en van daaruit verder te kijken. Dat bleek op camping Beijla Uvala ten zuiden van Porec te zijn. ” U zoekt maar een plekje in de Free Zone”, verduidelijkte het meisje van de receptie, “alle andere plekken zijn al gereserveerd. Succes met zoeken”.

Dit lijkt me wel een erg grote camping, stamelde mijn vrouw toen we na een kilometer nog niet bij de Free zone waren aangekomen.

De meeste plekken die we onderweg tegenkwamen deden me denken aan caravans geparkeerd op een vol parkeerterrein van de Ikea of zo. Vol in de zon en hutje mutje naast elkaar. Van enige privacy en schaduw was nauwelijks sprake! Groepen jongeren met elkaar op Pokemonjacht ontwijkend, kwamen we aan bij de Free Zone, grenzend aan de zee en voorzien van vele schaduwgevende bomen. Ook heel erg vol!

Plotseling werd ik aangesproken door, naar later bleek, Wilma, een volbloed Amsterdamse die al tien jaar op deze camping haar zomers doorbrengt. “Zoek U een plekkie? Er is hier net iemand weggegaan vanmorgen. Kijk daaro ! Prachtig toch? Vlak aan zee, wat wil je nog meer? Edwin, kom es effe hellepe, die mensen willen daaro staan”, riep ze haar man toe. Voordat ik het wist werden er drie Duitsers en twee Nederlanders opgetrommeld en werd de caravan -ik hoefde de mover niet eens in te schakelen- keurig op zijn plek gezet in het ongelijke terrein. Zelden hebben we zo mooi gestaan, op twintig meter van de Adriatische Zee, heerlijk onder de bomen. Laat de zon maar schijnen!

Mijn sixpack Heineken was er samen met de hulpverleners al na vijf minuten door. Later die week leerde ik Augustiner en Tegernseer bier drinken. ” Das beste was Bayern zu bieten hat, Ich gehe ohne nicht nach Kroatien”, voegde buurman Horst mij toe , wijzend op zijn omvangrijke buik. Hij had diverse kratten in de caravan mee de Alpen over gezeuld. Het bleef nog veertien dagen gezellig daar aan de boorden van wat naar later een van de grootste campings aan de kust bleek te zijn. En we gingen nog wel voor rust, zon en cultuur. De zon hebben we inderdaad gehad. De rust en de cultuur hebben we buiten de camping en op het water moeten zoeken.

Of het zou de Beierse biercultuur moeten zijn…..

Harry Nibbelke